Bedrijven moeten energiebesparing melden voor juli 2019

Gepubliceerd: maandag 30 april 2018

Bedrijven moeten onder het aangepaste Activiteitenbesluit milieubeheer verplicht laten zien welke energiebesparende maatregelen ze doorvoeren. De deadline voor de eerste melding is 1 juli 2019.

Een fundamentele doorbraak in de uitvoering van de Wet milieubeheer. Zo omschreef Ed Nijpels, voorzitter van de borgingscommissie Energieakkoord, de nieuwe informatieplicht in het Activiteitenbesluit in een brief aan de Sociaal-Economische Raad-voorzitter in februari. “In voorgaande jaren was de handhaving van de wet niet effectief. Daardoor leverden eerdere afspraken over besparing te weinig op. Nu kunnen we echt meters maken.”

Consultatie tot 21 mei
Hoe de verplichting er precies uit komt te zien, wordt duidelijker met de gepubliceerde toelichting op de wijziging van het activiteitenbesluit. Het ministerie van Economische Zaken en Klimaat legde deze toelichting samen met andere documenten 23 april ter consultatie. Bedrijven, gemeenten, provincies, Omgevingsdiensten (OD’S), Regionale Uitvoeringsdiensten (RUD’s) en andere stakeholders kunnen tot 21 mei reageren, stelt het ministerie. Naast de eerste deadline voor de vierjaarlijkse informatieplicht staat in de documenten ook hoe het ministerie de terugverdientijd van energiebesparende maatregelen wil berekenen.

Extra 12,5 PJ besparing met informatieplicht
Doel van de informatieplicht is om met de Wet milieubeheer meer energie te besparen. Het energieakkoord stelt een gemiddelde jaarlijkse besparing van 1,5 procent en 100 PJ extra energiebesparing in 2020 ten doel. Vooralsnog loopt Nederland echter achter: de Nationale Energieverkenning wees aan dat de 100 PJ op 75 PJ zou blijven steken. Striktere naleving van de wet zou extra 12,5 PJ energiebesparing op kunnen leveren volgens de Nationale Energieverkenning 2017. Door de informatieplicht moeten bedrijven aangeven welke energiebesparende maatregelen die ze in 5 jaar kunnen terugverdienen daadwerkelijk nemen.

Deadline noodzakelijk
Het Activiteitenbesluit treedt 1 juli 2019 in werking. Op diezelfde datum dienen bedrijven hun bevoegd gezag te informeren over hun energiebesparende maatregelen. Provincies en gemeentes (en door hen gedelegeerde OD’s en RUD’s) zijn als gezagen verantwoordelijk voor de handhaving, licht de nota toe. De eerste deadline volgend jaar is ‘noodzakelijk om nog een bijdrage te kunnen leveren aan het behalen van de doelen voor 2020’, beargumenteert minister Wiebes in de nota.

Extra administratieve last beperkt
Volgens de minister is de eerste deadline ook haalbaar voor bedrijven. Zo’n 80 procent van de 100.000 beoogde organisaties zal naar verwachting voldoen aan de Wet milieubeheer door maatregelen te treffen van de lijst erkende maatregelen. Extra administratieve last blijft voor deze bedrijven ‘dus beperkt tot het melden dat zij deze maatregelen hebben uitgevoerd’. Energiebesparingsconsultants schatten voor het ministerie in dat deze bedrijven gemiddeld 6 uur kwijt zijn aan het melden van de genomen energiebesparende maatregelen. Omdat de andere 20 procent van de bedrijven groter en complexer zijn, ‘is het aannemelijk dat zij reeds onder de audit-plicht van de Energiebesparingsrichtlijn (EED) vallen’, stelt Wiebes.

Type kosten en stroomprijs voor terugverdientijd
De handhaving van de Wet milieubeheer was niet alleen moeilijk doordat het overzicht op besparende bedrijven ontbrak. Ook onduidelijkheid over de berekening van terugverdientijden zat de besparingsverplichting dwars, gaven de provincies, gemeenten, OD’s en RUD’s eerder aan. In de nota staat te lezen dat EZK denkt aan ‘typen kosten die worden meegenomen en de stroomprijs die wordt gebruikt’. “Zo wordt voorkomen dat het sommige bedrijven veel meer of minder kostenposten betrekken bij het bepalen van de terugverdientijd dan andere bedrijven. Het is wenselijk dat de melding zoveel mogelijk eenduidig wordt vormgegeven zodat het bevoegd gezag de verkregen informatie kan vergelijken.”

Bron: www.ensoc.nl

Overige berichten 2018